Waar zijn we? Nederland 2016

met Claudia en PJ Potgieser

 

 

Onze camper is verkocht!

 

home

who are we?

journals

photo gallery

our book

guestbook

click here for English

In 2014 hebben we een rondje USA - Canada en Alaska gedaan. Onze avonturen kun je vinden op deze link:                          Reisverslag Canada, Alaska en USA 2014

In oktober 2014 hebben we besloten dat na 17 reizen het tijd wordt om te stoppen met reizen op het Amerikaanse continent. Het heeft even geduurd voordat we de camper daadwerkelijk te koop hebben gezet. Nadat we onze camper schoongemaakt hadden van de persoonlijke wildlifeposters en stickers en te koop gezet op Criagslist (Amerikaanse Marktplaats) hadden we al na drie dagen een serieuze koper. In november 2015 is onze camper verkocht  en in januari ook de pick-up.

 

Reisverslag Canada – USA 2015

September 2015
Amsterdam – Calgary, Canada, 22 september 2015

Ik zit in het vliegtuig naast een Nederlandse oudere dame die naar Canada geëmigreerd is. Ze is voor twee weken met haar drie zusters op familiebezoek geweest in Friesland. Ik vraag waar ze woont in Canada.
“In Smithers”, antwoordt ze.
Nu kennen wij die plaats goed, omdat dit altijd onze laatste stop is voor Hyder, Alaska. Hier kunnen we dan nog vlees, brood en verse groenten kopen voor een redelijke prijs, voordat we naar het dure spookstadje Hyder gaan. Voor ons is Smithers dus nog de bewoonde wereld.

Dus na een vlucht van 9 uur van Amsterdam naar Calgary, moeten de dames een uur in het vliegtuig blijven zitten om dan in anderhalf uur door te vliegen naar Vancouver. Daar zullen ze opgehaald worden door een zwager en met de auto naar Kamploops (350 km) rijden, waar ze zullen logeren bij vrienden. De volgende dag rijden ze door naar Smithers (bijna 900 km) waarbij ze onderweg nog een hotelletje zullen pakken. Dit is goedkoper dan met een paar korte vluchten naar het dichtstbijzijnde vliegveld te gaan. En dat allemaal voor een familiebezoek van 2 weken in Nederland. En voor mij ligt Smithers nog in de bewoonde wereld!

De eerste weken van deze trip zal vooral in het teken staan van het Noorderlicht. Rond de wisseling van de seizoenen is het Noorderlicht altijd actief en in de week voor ons vertrek zijn er bijna elke nacht Aurora’s geweest. Zo ook onze eerste nacht in Calgary die we doorbrengen op een parkeerterrein van de Cross Iron Mill Mall. Helaas zitten we net iets te zuidelijk om het te kunnen zien (en hebben we natuurlijk veel te veel last van jetlag om wakker te blijven).

Calgary - Fort Saskatchewan - Fort Battlefield - Saskatoon, 23 – 26 september 2015
In de komende dagen rijden we verder noordoost door de provincies Alberta en Saskatchewan. We hebben overdag prachtige blauwe luchten en ’s nachts ook geen bewolking, maar het Noorderlicht is stil.


6000 km gereden voor het Noorderlicht!

Saskatoon, 27 september 2015
Vannacht is er een maansverduistering en is het tevens een Supermaan; de maan staat dan het dichtst bij de aarde. De hele middag is het nog bewolkt en er staat een harde wind, maar tegen zonsondergang zijn de wolken opgelost en de wind gezakt. We zoeken een mooie plek uit om de maan te fotograferen. In Nederland is de maansverduistering rond half 4 ’s nachts, maar bij ons is het al bezig als de zon net onder is en de maan tegelijkertijd opkomt. Er is bij maansopkomst al een klein hapje uit genomen. Rond half 11 is de maansverduistering compleet en kleurt de maan koperrood.

   

PJ neemt de meeste foto’s, want ik heb een ‘soepoog’. Mijn oog is zwaar ontstoken en ik kan niet focussen. Ik denk dat ik een virus opgelopen heb in het vliegtuig, want het begon woensdagmorgen met branderige ogen, de dag na het vliegen. Na zeven dagen zakt de zwelling en heb ik alleen nog erg rode ogen die branderig voelen.

Wat betreft het Noorderlicht zitten we te wachten op een uitbarsting van een steeds groter wordende krater op de zon. Dit veroorzaakt trillingen in het heelal waardoor er Noorderlicht ontstaat, die dan ongeveer drie dagen na de uitbarsting de aarde bereikt. De ene na de andere zonnevlam is er ondertussen geweest uit deze krater, maar zo eenvoudig is het blijkbaar niet. Ondanks dat deze zonnevlammen erg hevig waren (ze veroorzaakten zelfs lage frequentie ‘black outs’ in Zuid Amerika), ging het niet gepaard met CME’s waardoor er dus geen Noorderlicht ontstaat. Ja, het duizelt ons ook, maar ik zal het proberen uit te leggen.
Coronal Mass Ejections of plasmawolken bevatten vooral protonen en elektronen. Plasmawolken die door zo’n uitbarsting uit een krater de ruimte in worden geslingerd kunnen de planeten in het zonnestelsel bereiken. Hier worden ze afgebogen door de magnetische velden van de planeet naar de polen. Als de geladen deeltjes de atmosfeer bereiken, licht de atmosfeer op. Dit verschijnsel is bekend als poollicht, maar het is op dit moment erg stil in het heelal.
Dus eerst moet er een krater op de zon ontstaan. Die moet vervolgens uitbarsten en dit moet niet alleen gepaard gaan met zonnevlammen, maar ook met plasmawolken.

Saskatoon, 28 september 2015
We besluiten vanwege het weer om toch nog een stuk noordelijker te gaan. We rijden 250 kilometer noord naar de stad Lloydsminster. Vier dagen geleden zijn we ook door deze stad gereden en hebben we gratis drinkwater kunnen tanken en de afvaltanks geleegd. We rijden nu weer door deze stad, en na een week aan de wastafel wassen, hebben we wel behoefte aan een douche. Dus stoppen we bij hetzelfde dumpstation. PJ gooit een flinke scheut chloor in de watertank en draait de kraan open om te vullen…. helaas, het water is de dag ervoor afgesloten! Dat is wel een tegenvaller, zeker omdat de temperatuur nog erg zacht is. Water en dump is rond deze tijd van het jaar altijd erg moeilijk te vinden, omdat vanwege nachtvorst de kranen worden afgesloten. Bij een camping, die gelukkig nog open is, kunnen we de watertank vullen, alleen moeten we daarvoor wel een tientje betalen.

PJ heeft meteen even een lekkage opgelost die we al een hele tijd hebben. Telkens als we ergens geparkeerd hadden, stond er een flinke plas water onder de camper. Het euvel bleek een rubber ringetje te zijn van 1 dollar.

In Lloydsminster komen we nog een kennis tegen. Cheryl en haar man zijn in deze stad aan het werk (hetzelfde werk wat PJ doet), maar dan wel even 250 km van huis! Ze staan met hun caravan vier weken op een camping. Cheryl is de dochter van een stel dat we kennen van La Peñita.

  

                                   Ik houd mijn zonnebril nog even op

Lloydsminster, 29 september 2015
Dinsdagmiddag rijden we nog 200 km noord naar de stad Cold Lake. De weersverwachting is dat het hier een paar dagen zonnig is met heldere nachten. ALS het noorderlicht komt, zijn we er klaar voor! Maar ook deze nacht blijft het stil.

Cold Lake, 1 oktober 2015
Na 10 dagen wachten is het dan eindelijk zover. www.Spaceweather.com voorspelt dat een Noorderlichtstorm op 2 oktober de aarde zal raken. Uit ervaring weten we dat ze er vaak een dag naast zitten, dus wij zijn er donderdagnacht klaar voor. We zijn ondertussen 150 kilometer verder oost gereden naar het dorp Meadow Lake (provincie Saskatchewan).

Zodra we zien dat er om 7 uur 's avonds iets staat te gebeuren, rijden we Meadow Lake uit  naar een maaiveld met een oude schuur en wat graansilo's. Terwijl de lucht zo net na zonsondergang zo'n prachtige kleur blauw krijgt, gebeurt er niets.
Teleurgesteld rijden we na een uur wachten weer terug, om op het internet te kijken. Het is alweer 'quiet' in het heelal. Om 10 uur besluiten we richting een Provincial Park met meren te rijden, 45 minuten ten noorden van Meadow Lake. Het nadeel hiervan is dat we dan geen Internet hebben en om niets te missen moeten we dan de rest van de nacht op blijven. Terwijl we door het ruimverlichte dorp rijden, zie ik noorderlicht dansen boven de lantaarnpalen!
"Het is begonnen!", roep ik uit.
PJ ziet niets en gelooft mij in eerste instantie niet eens, maar we rijden snel terug naar het maaiveld wat tien minuten van het dorp vandaan ligt. En jawel, 2 uur lang fotograferen we het Noorderlicht, de camper, onszelf, de schuur, de silo's en het weidse zicht over het maaiveld. Terwijl de groene geesten dansen door de lucht, staan we even stil bij de moeder van onze goede vriend Peter, die twee dagen geleden overleden is.

 

 

 

Na 2 uur willen we wel iets anders op de voorgrond en besluiten alsnog naar het Provincial Park te rijden. Onderweg kan ik het noorderlicht zien oplichten en afzwakken. In het park stopten we bij een rivier, waar ik een lange tijd op een brug sta en nog meer foto's neem.

 

                             

Het is ondertussen half 2 en bij PJ gaat het licht een beetje uit. Om 2 uur rijden we verder het park in, naar een meer waar we twee jaar geleden ook het noorderlicht gefotografeerd hebben. Ook vanuit daar hebben we mooi zicht. De Aurora's pulseren nu en zijn bleekgroen. Om drie uur 's nachts komen de wolken binnen drijven en gaan we naar bed. Wat een nacht!
                             
                                 Het meer en de omgeving wordt verlicht door de volle maan

 

Meadow Lake, 2 oktober 2015
We worden om een uur of 11 wakker, bekijken de foto’s van afgelopen nacht en rijden dan terug naar Meadow Lake om bij een McDonalds internet te kunnen oppikken. Ik moet hiervoor naar binnen en koop maar een beker Pumkin Spice Latte (hoewel een consumptie niet echt verplicht is hier). Ik ben verbaasd dat iedereen al aan de hamburgers en friet zit. Oh, wacht even… het is voor mij ontbijt, maar het is ondertussen gewoon al lunchtijd. Met foto’s op Facebook brengen we rest van de wereld op de hoogte van ons nachtelijk feestje.

                                    
Wrap met boerenkool??? Bah!

Vrijdagmiddag rijden we terug naar Cold Lake (2 uur rijden) en overnachten daar. Terwijl wij onder een bewolkte lucht liggen te slapen, is er ’s nachts weer Noorderlicht, wij kunnen het niet zien en slapen niets vermoedend door. Mijn oogontsteking is eindelijk over, wordt PJ met een rood oog wakker! Ik had al op internet gelezen dat het erg besmettelijk was, maar dit hadden we niet verwacht.

Cold Lake, 3 oktober 2015
Zaterdag willen we 400 km noordwest rijden, omdat het bij Slave Lake ’s nachts onbewolkt zou zijn.
’s Morgens is het verrassend koud: 1 graad boven nul. En dat terwijl het bij Meadow Lake overdag 20 graden was. Onderweg komen we zelfs natte sneeuw tegen en begrijpen niet dat het bij Slave Lake echt goed weer is.

Bij een benzinestation onderweg staat er een man te stuiteren aan de andere kant van de pomp waar PJ staat te tanken. Hij moet blijkbaar z’n ei kwijt. Ondanks PJ’s prikkeldraadgezicht, kiest hij hem uit om zijn verhaal te vertellen.
Hij vertelt hem dat hij alleen op een meerdaagse huntingtrip is geweest (jacht op herten) en terwijl hij ’s nachts in zijn stationwagen lag te slapen, werd hij wakker van het schudden van zijn auto. Een zwarte beer met 3 grote welpen stonden tegen z’n auto op! Hij had de modderpoten op zijn auto om het te bewijzen.
“Kijk, hier … en hier”. De man heeft zijn geweer doorgeladen en de rest van de nacht met zijn hand op de loop geslapen.

Voor ons is het wel even een eye-opener. In een landschap dat zoveel weg heeft van Nederland: totaal vlak, met maaivelden en loofbomenbossen, vergeet je al gauw dat we toch in berenland zitten. Onze bear pepperspray hebben we als souvenir mee naar huis genomen en dan is het toch wel oppassen als we in het holst van de nacht door de natuur aan het banjeren zijn.

De plaats Slave Lake kennen we op ons duimpje, want daar hebben we twee jaar geleden een week gestaan en twee nachten het Noorderlicht gefotografeerd.
En om 11 uur ’s avonds is het nu ook zover. We rijden meteen naar de weg die aan de oostkant van het enorme meer loopt, rennen het hoge duin af (shit, mijn leesbril vergeten) en fotograferen het Noorderlicht langs het strand. Het voordeel van deze plek is dat door het strand en het langzame verloop van de zandbodem, je toch reflectie kunt zien van het noorderlicht in het water, ondanks dat dit een enorm meer met golfslag is. Nadeel is dat we naar het  noordwesten kijken en het noorderlicht is vaak ook het oosten. Die kant staan allemaal lelijke kale loofbomen, dus daar ben ik niet blij mee. De show duurt zo’n vijf uur (niet constant even heftig), dus we hebben het prima naar ons zin.

 

 

 

We zijn door en door koud geworden en liggen klappertandend in bed. Op de bank ligt nog een extra dekbed, maar we zijn allebei te moe om die te pakken.

Slave Lake, 4 oktober 2015
Zondag slapen we uit, downloaden de foto’s, en besluiten we om toch nog even locaties te gaan scouten, die meer op het noorden gericht zijn. We vinden een prima plek: een kiezelstrand aan de zuidkant van het meer, 15 minuten van de stad.

Ook deze nacht begint de show rond 11 uur ’s avonds. Het duurt wel even voordat hij op gang komt (erg lang alleen een bleekgroene boog van west naar oost), maar we fotograferen een paar mooie momenten. Het meer is zonder zandstrand hier blijkbaar meteen diep, dus het noorderlicht weerspiegelt niet, het water kleurt alleen groen.

 

Rond een uur of 1 wil PJ even terug naar de beschaving om onze Nederlandse vrienden Peter en Monique via een What’s Appje een hart onder de riem te steken. Peet’s moeder wordt vandaag begraven. Dan weer terug naar die nieuwe locatie. We rijden langs het meer en vinden nog een paar andere plekken om het noorderlicht te fotograferen.

  

Om half 3 ben ik wel een beetje opgebrand, maar PJ wil toch terug naar onze oude plek aan het zandstrand dus rijden we daar in een half uur naar toe. We zien een prachtige Noorderlicht kronkel aan de horizon en sjezen het duin weer af. Het is koud aan het meer met -6 graden en een dun windje. We stampen met onze voeten om warm te blijven. Het is ondertussen 11 uur ’s morgens in Nederland en de begrafenisdienst van Peet’s moeder begint. Nou, dat hebben we geweten: het noorderlicht barst ineens los. We weten dat het noorderlicht vele gezichten heeft, maar zo hebben we het niet eerder gezien. De Aurora spuit als een fontein vanaf de horizon: groen en wit met rode randen (op de foto wordt het rood meer paars).  Het gaat met zo’n snelle beweging dat het moeilijk is om op foto vast te leggen. We laten de lens maar een seconde open staan (normaal 8 tot 20 seconden!) en nog zit er teveel beweging in. Als we dan ook nog een vallende ster zien, hebben we echt het gevoel dat Peet’s moeder even van zich laat horen. En een half uur later doet ze het nog eens dunnetjes over.

 

Het Noorderlicht is altijd een speciale ervaring, mystiek en spiritueel, maar op deze manier heeft het nog een extra dimensie.
  
                                                       "From Aurora with Love"

 

                "Diamond in the Sky"                                            "Shark Bite"

Slave Lake, 5 oktober 2015
Ook deze keer liggen we pas om half 5 in bed en slapen uit. Het noorderlicht is nu al 4 nachten achter elkaar actief geweest, dus waarom zou het vannacht niet weer gebeuren? Bij Slake Lake begint de bewolking binnen te drijven, dus rijden we terug naar Cold Lake (400 km) waar het wel helder is. Ik wil graag tijdens het rijden de foto’s van afgelopen nacht bekijken, maar de hele reis is het zonnig en dan kan ik niets zien op het laptopscherm. We scouten met daglicht bij het meer voor mooie lokaties.

   

s Avonds kijken we tv op Uitzending gemist en PJ gaat om half 12 naar bed. Ik ga lekker aan de foto’s werken. Om kwart over 12 krijg ik een Aurora Alert en maak PJ wakker. Nou, dat wordt mij niet in dank afgenomen.  Mr. Grumpy laat van zich horen.
Onder luid protest kleed PJ zich aan (ik was al aangekleed en doe alleen nog een paar extra lagen aan) en rijden we naar het meer. Helaas is het maar van korte duur en is het noorderlicht niet echt actief. Dus om half 2 liggen we weer in bed.

 

Cold Lake, 6 oktober 2015
Dinsdag worden we om half 10 wakker. Er wordt voorlopig geen noorderlicht verwacht, dus we kunnen even pas op de plaats doen. Het is bovendien half bewolkt. Ik wil een ketel water opzetten om mij te wassen aan de wastafel, maar PJ zegt: ‘laten we een vandaag op de camping gaan staan (met douche)”. Dus kleed ik mij aan. We staan op het punt om weg te gaan als ik een waarschuwing krijg: er is een “Aurora Storm Watch” van 72 uur uitgeroepen. In de eerste 48 uur een Kp6 en tweede 24 uur een Kp5. Die Kp nummers moet je een beetje zien als de schaal van Richter voor aardbevingen, maar dan voor Noorderlicht. Hoe hoger het Kp nummer, hoe heviger de storm.

Kp1 en 2 is er weinig te zien,
Kp3 begint het een beetje leuk te worden (noorderlicht op de horizon),
Kp4 is actief (de meeste van onze Noorderlicht foto’s zijn genomen bij een Kp4),
Kp5 is storm en is te zien boven je,
Kp6 en 7 is STORM en is ver zuidelijk te zien (Schotland en Engeland).
Kp8 en 9 is zelfs in Nederland te zien.

Bij een “Storm Watch” is de kans heel groot dat er in die periode een langdurige hevige Noorderlicht storm te zien is, maar ze kunnen niet precies aangeven wanneer het de aarde bereikt, zeer waarschijnlijk 7 oktober. Uit ervaring weten wij dat het dan meestal een dag eerder komt, dus dat zou vanavond zijn! Je begrijpt dat wij door een Kp6 voorspelling meteen in de stress schieten. Dat willen we niet missen (is in de afgelopen jaren al een paar keer gebeurd), dus gaan we snel kijken waar we de komende nachten moeten zijn. Overal in ‘de buurt’ is het ’s nachts bewolkt en we besluiten zover mogelijk naar het zuiden rijden om uit de bewolking te komen. Het is al half 12, dus we hebben haast. We moeten uiteindelijk toch zuid gaan rijden om in Utah te komen, dus dat is niet helemaal de verkeerde richting op.

Als we in het donker in de grote plaats Regina aankomen en Wireless Internet oppikken, zien we dat de storm inderdaad al begonnen is. We rijden gauw noord, weg van het licht van de stad en maken een paar mooie plaatjes.

 

PJ fotografeert 4x een ‘Corona’, dat is speciaal, want dat is recht naar boven. En het is nog maar een Kp4.

Om half 1 begint het dicht te trekken, maar dan trekt het Noorderlicht al zijn registers open (inderdaad een dag te vroeg!) en wordt het een Kp7 !!! Helaas kunnen wij daar niets van zien. Vanaf 1 oktober is er nu al elke nacht Noorderlicht, dus we zijn niet ontevreden.

Regina, 7 oktober 2015
We overnachten in de grote stad Regina. Omdat de ‘Storm Watch’ nog een paar dagen voortduurt, besluiten we toch weer een stukje naar het noorden te rijden. Nog voor zonsondergang is er al een noorderlicht storm gaande, dus we positioneren ons op een landweggetje bij een waterplas. PJ heeft de camper geparkeerd bij een uitrit van een geoogst korenveld. De boer heeft z’n land net gegierd en het stinkt hier behoorlijk. Als het nog licht is, kunnen we vermalen koeienvlaaien nog wel ontwijken, maar als het donker wordt, is er geen ontkomen aan en het begint in de camper naar een oude koeienstal te ruiken.

De zonsondergang lijkt een eeuwigheid te duren. We hopen op een groot spektakel, dat zichtbaar wordt zodra het donker genoeg is en de lucht nog zo’n mooie kleur diepblauw heeft.
“Zie jij al wat?”
Wat met het blote oog niet te zien is, kan de camera wel oppikken. Dus PJ neemt een paar shotjes uit de hand.
“Is het nu groen op de horizon?”, vragen we omstebeurt hoopvol.
Eten koken schiet er deze laatste week een beetje bij in en ons avondeten is aardappelsalade (uit een emmertje) met een pitabroodje die we in de cabine van de pick-up eten. En als midnight snack eten we koude pannenkoeken die ik al eerder gebakken heb.

Als het eindelijk donker genoeg is, ruim anderhalf uur na zonsondergang, kunnen we groene boog laag aan de horizon zien, die van west naar oost loopt. Dat valt een beetje tegen, want zo begint het Noorderlicht meestal en zo ziet het er niet uit als er al een storm gaande is. Ik fotografeer de boog bij het water, bij een watertoren en bij graansilo’s.

 
Als het Noorderlicht begint af te zwakken, wil PJ verder noord rijden. We rijden een half uur over een 4-baanssnelweg als er boven de weg een hele vette groene boog tevoorschijn komt. Deze is zo breed, dat hij de hele voorruit beslaat.
“Deze zouden we eigenlijk wel moeten fotograferen”, zegt PJ en via het navigatiesysteem zien we weggetje aan de linkerkant van de weg. En er is ook wegopening in de tussenberm. Dus slaat PJ linksaf. Het is een gravelweg, die een spoorbaan kruist. Maar zodra we de spoorbaan over zijn, verandert de weg in een modderkarrenspoor. PJ rijdt nog honderd meter verder, maar dan besluiten we unaniem dat dit gekkenwerk is in het pikkedonker. Draaien is hier geen optie, dus rijdt PJ langzaam achteruit. Ik stap op een gegeven moment zelfs uit om de weg met een zaklantaarn aan te wijzen. We nemen nog wel even een shotje van de groene boog boven de spoorbaan.

Verder noord. Weer een half uur later, begint de boog ineens te ‘dansen’. Dit willen we zeker fotograferen, maar hoe komen we van die snelweg af? Op het navigatiesysteem komt een weggetje aan de rechterkant van de weg tevoorschijn, dat dat schiet PJ op. En dan nu nog een plekje vinden waar we het noorderlicht kunnen fotograferen! Het beste zit west, maar dat is boven de snelweg en de lichten van de passerende auto’s verpesten onze foto’s. Gelukkig kan ik nog wel één mooie foto maken. We hebben het hoogtepunt eigenlijk al gemist en na tien minuten begint het weer af te zwakken. Dus verder noord.

                          

We zijn ondertussen aangekomen in de stad Prince Albert en checken even het internet. Over tien minuten begint een KP5 (daar weten jullie nu alles van), dus sjezen we de stad weer uit.

“Ik kan het al zien”, roep ik uit, terwijl we nog in het licht van de stad zitten. Terwijl we een lange 4-baans brug overgaan, zien we het Noorderlicht dansen. Ik zie de foto al voor me: de rivier met aan beide zijden lantaarnpalen die reflecteren in de rivier en daarboven de groene kronkels van het Noorderlicht. Natuurlijk is hier geen mogelijkheid om te stoppen en als we eindelijk van de vierbaansweg af kunnen en kunnen parkeren in een donker straatje, zien we elektriciteitskabels boven ons hangen, dwars door het noorderlicht.
“!@#$%” (da’s PJ).

Verder noord vinden we een landweggetje, waarvan we op Google Maps al gezien hebben dat er overal water is, maar wij kunnen dat water in het donker niet vinden. PJ parkeert de camper dus maar lukraak bij de ingang van een boerenland en ik zet de camera op. Het noorderlicht is al zo afgezwakt dat het met het blote oog bijna niet meer waarneembaar is. En ik hoor heel veel eenden snateren en door het water klapperen, maar ik zie alleen boerenland om mij heen. Wat een frustrerende avond is dit zeg! We blijven een uur wachten, doen zelfs af en toe onze ogen dicht voor een tukkie. Het is ondertussen half 1 ’s nachts. Zou de storm overgewaaid zijn? Volgens het navigatiesysteem kunnen we deze weg volgen om weer terug in de stad te komen. Natuurlijk zien we binnen vijf minuten rijden, water aan beide zijden van de weg. Het navigatiesysteem blijft ons maar doorsturen, maar als ze ons weer via een onverharde modderweg naar de stad wil sturen, draaien we om. Geen zin in om in het donker ergens vast te komen zitten.

We zijn net rond twee uur ’s nachts weer terug op de 4-baans hoofdweg als het Noorderlicht weer in volle glorie terugkomt.
“!@#$%!” (PJ weer). Gauw stopt PJ en ik probeer het Noorderlicht vast te leggen. Persoonlijk vind ik foto’s van het Noorderlicht zonder een zorgvuldig uitgezochte voorgrond maar weinig aan. Dus je begrijpt dat ik niet happy ben met deze foto’s (ik heb ze toch maar bewerkt voor de website). En het was weer een kortstondige piek. Nu zijn we het echt zat en rijden naar de stad om te overnachten en liggen om 3 uur in bed.

 

Prince George, 8 oktober 2015
Ik heb gemerkt dat mijn lichaam zich snel heeft aangepast aan dat nachtbraken. Het maakt niet uit of we om 11 uur, om 2 uur of om 5 uur naar bed gaan, na zeven uur slapen word ik wakker (niet altijd even fris). Bij PJ is dat helaas anders, ongeacht hoe laat we naar bed gaan, wordt hij tussen 6 en 7 uur wakker en kan dan moeilijk weer in slaap komen. Dat is een beetje lastig als je om 5 uur naar bed gaat. Het voordeel is dat als ik wakker word, PJ meestal al een paar uur op is en alle Noorderlicht websites al heeft afgestruind, precies weet in welke plaatsen het vannacht helder is en welke richting we op moeten.

‘s  Morgens lezen we op het Internet dat het Noorderlicht in Scandinavië nog nooit zo helder geweest is. “We konden gewoon een boek lezen bij het noorderlicht”. We zaten blijkbaar op het verkeerde continent…

In Prince Albert is de bewolking binnen komen drijven, dus rijden we zuid richting Saskatoon. Ook voor deze avond wordt er noorderlicht verwacht, dus rijden we weer naar dat landweggetje met het gegierde veld. Maar voordat we daar aankomen zien we ineens een grote plas water die ons niet eerder was opgevallen. De plas ligt op het westen, maar met een beetje goede wil is hier wel wat van te maken. De zon gaat net onder dus ik heb nog genoeg licht om de plas uit te checken.

Als ik een stuk over een gemaaid maïsveld loop, dan krijg ik de plas aan mijn rechterhand en kijk ik uit over het noorden. Langzaam wordt het donker en zien we de bekende groene boog verschijnen.
“Ga jij maar vast, ik kom zo”, zegt PJ.
Dus loop ik in het pikkedonker door het maïsveld naar mijn uitgezochte plekje.

Ik schijn mezelf bij met een hoofdlamp. Een uil laat zich horen en ook hier snateren de eenden er weer op los in de plas. In de verte bij een boerderij hoor ik een constant een paar honden blaffen. Grappig dat ik het verschil tussen blaffende coyotes en honden nu gemakkelijk kan onderscheiden. Omdat dit nu al de zevende nacht is dat we Noorderlicht kunnen fotograferen, kan ik alle knopjes op gevoel in het donker vinden. Ik heb zelfs een knopje gevonden waardoor een waterpas te zien is in het scherm.Ik zorg dat mijn horizon horizontaal is (heel belangrijk bij waterfoto’s), de afstandsbediening aan staat, ISO instellingen hoog genoeg zijn en ik begin te schieten. Pas na 20 minuten komt er langzaam een lichtje op mij aflopen.
“Jemig, ik wist niet dat je zo ver het veld in was gelopen”, klaagt PJ.
“Staan alle instellingen van de camera goed?”, vraagt PJ terwijl hij met een zaklantaarn op de camera schijnt. “Je lens staat niet op oneindig, alle genomen foto’s zullen onscherp zijn”.
Shit, waarom is mij dat niet opgevallen? Ik neem de meeste Noorderlichtfoto’s, maar ik moet zeggen dat ik zonder PJ’s scherpe oog niet veel waard ben.

De boog begint langzaam te groeien en van rechts naar links te wandelen. Het lijkt wel een PacMan mondje (computerspelletje). Daarna begint de boog een beetje te dansen. Op de foto’s komen nu kleuren tevoorschijn die met het blote oog niet te zien zijn, zoals felgroen, paars en mosterdgeel. Dat vinden we wel jammer, we hebben deze kleuren andere jaren wel met het blote oog gezien. Blijkbaar zitten we toch niet noord genoeg om dit te zien.

 

PJ gaat terug naar de camper om een sigaret te roken en als ik zie dat de boog steeds vager begint te worden, loop ik ook maar terug. Ik vind mezelf behoorlijk stoer zo in het donker. Als er nu ineens een vos voor mijn voeten zou schieten, denk ik dat ik wel een hartverzakking zou krijgen.

We zitten nog een tijdje in de auto naar de horizon te staren, maar dan komt er steeds meer bewolking binnen drijven. Tijd om naar Saskatoon te rijden om daar te overnachten. Liggen wij ook eens een keer op een normale tijd in bed.

Saskatoon, 9 oktober 2015
De 72 uur ‘Storm Watch’ is nu voorbij en volgens de voorspelling blijft het voorlopig quiet. Dus besluiten we zuid te gaan. Het voordeel van zo laat in het seizoen nog op pad te zijn is dat het al vanaf 8 uur ’s avonds donker genoeg is om het noorderlicht te kunnen zien in plaats van pas om 11 uur zoals in augustus en september. Het nadeel is dat bij alle dumpstations het water al afgesloten is en we steeds stuiten op bordjes ‘sorry, closed for season’. We hebben weer dringend drinkwater nodig. Gelukkig vinden we een camping die nog open is, waar we voor 5 dollar water kunnen tappen. Het kantoortje is gesloten en we zien geen eigenaar, dus kunnen we ons geld niet kwijt. Is dat even jammer ;).

We blijven twee nachten in de stad Swift Current staan. Douchen, tv kijken en even bijkomen van de afgelopen week. Het waait verschrikkelijk en de camper staat te schudden op z’n wielen. Er wordt weer een 24 uur ‘Storm Watch’ aangekondigd, maar we kunnen al zien dat de hoogtepunten van de storm voor ons overdag zijn. Deze storm gaat naar Europa.

Een vriendin schrijft na het lezen van het verslag die we per e-mail verstuurd hebben: “Geweldig! Heb het ademloos in een keer uitgelezen en krijg dan een beetje die gejaagdheid en gretigheid over me die jullie ongetwijfeld ook hebben gehad”.

En dat omschrijft het goed. Het fotograferen van wildlife kenmerkt zich vooral door geduld, wachten en volharding. Voor het Noorderlicht hebben we ook veel geduld nodig, maar een onbewolkte lucht is nog belangrijker. Daarom moet je je steeds verplaatsen en vele kilometers rijden. Handig zou een internetverbinding tijdens het fotograferen zijn, maar die combinatie is meestal niet mogelijk, want je moet juist zover mogelijk van de beschaving (lees licht) zijn om het Noorderlicht te fotograferen. De twijfel als het noorderlicht afzwakt of het nu afgelopen is of dat we gewoon even geduld moeten hebben. Dan krijg je inderdaad die gejaagdheid over je.

Swift Current, 11 oktober 2015
Zondag besluiten we echt zuid te gaan, dus de grens over. Het waait nog steeds met harde rukwinden en het is een vermoeiende rit. We kiezen een piepkleine grensovergang met twee vriendelijke douanebeambten. Wij zijn waarschijnlijk de enigen vandaag die grens overgaan en het uitje van de dag.
“We zagen jullie al van verre aankomen, al schuddend met de camper”, zegt een van de heren.
Tijdens het invoeren van onze paspoortgegevens in de computer, valt alle stroom uit, maar gelukkig slaat de generator aan. Alles gaat op z’n elfendertigst, maar allervriendelijkst. We worden naar onze plannen gevraagd en we vertellen enthousiast over het noorderlicht.
“Dat hebben wij hier vorige week ook gezien”. Dit is opvallend, want meestal weten de Canadezen niet wat er allemaal in hun ‘achtertuin’ gebeurt. Als wij zeggen dat we Noorderlicht willen fotograferen, vragen ze vaak of we dan naar Alaska gaan.
PJ vertelt dat we de pick-up en camper gaan verkopen in Utah. Zoals verwacht krijgen we een visum voor 90 dagen.

We nemen contact op met vriendin Lyn, de kunstenares die in the middle of nowhere in een opgeknapt schoollokaal woont. Doet mij denken aan ‘Het kleine huis op de prairie’. We spreken af dat we dinsdag bij haar langs gaan. Kunnen wij maandag mooi die 25 kilo wasgoed naar de wasserette brengen. En dan rijden we vanaf woensdag door de Yellowstone en Grand Teton National Parken.

Bozeman  - USA, 13 oktober 2015
We zouden bij Lyn langs gaan op het Kleine Huis op de Prairie,  maar Lyn verandert ineens van gedachten en wil ons in Yellowstone ontmoeten. Geen probleem, dus rijden we naar Gardiner. Ik mail Lyn of ze weet of er nog iets gaande is in het park, want de meesten van de bevriende fotografen zijn al vertrokken.
“Ik weet alleen dat Heidi elke dag een grizzly met jong fotografeert bij Sylvan Lake”, schrijft Lyn terug.
Wacht even….van die beer hadden we wel gehoord, maar onze vriendin Heidi? Wij dachten dat zij 10 oktober terug naar huis was gegaan.
“Nee, zij blijft tot rond 18 oktober (en hou nu op met mij storen, want ik ben een zwarte beer aan het filmen die onder mijn veranda ligt te slapen ;)”.

Terwijl wij een hele berg was doen bij de wasserette komt er weer een 24-uurs “Aurora Storm Watch” binnen. PJ begint Heidi, die in Yellowstone park is, te bestoken met SMS-jes. Dat we eigenlijk weer noord moeten gaan voor dit Noorderlicht.

“Ik heb mijn paspoort bij me, ik ga zo mee”, schrijft Heidi terug. We weten niet of ze het serieus meent, we spreken af elkaar te ontmoeten op de Dunraven pas (hoogste punt in het park) en we rijden in het donker Yellowstone in. Na een uur ontmoeten we onze vriendinnen Heidi en Lyn.

We zien heel vaag Noorderlicht op de horizon, maar voor ons waait het te hard om te fotograferen. Heidi neemt wel een paar shotjes. Het blijkt dat Heidi echt met ons mee wil terug Canada in. Lyn heeft net een schilderij verkocht en de koper komt deze morgen ophalen, dus zij kan niet mee. Wij staan nu voor het blok, wat als een grapje begon is nu uit de hand gelopen.
Spontaan rijden we in het holst van de nacht het park weer uit en rijden bijna een grizzlybeer van z’n sokken. We slapen in Gardiner en de volgende morgen rijden we met twee auto’s om 7 uur noord.

Gardiner, 14 oktober 2015
Het reizen met Heidi is een hele ervaring. Heidi reist in een stationwagen en slaapt achterin haar auto op een matras. Ze heeft 1-pits brandertje en omdat ze - voordat ze professioneel fotografe werd - een chef-kok was, kan ze daar behoorlijk goed op koken. Maar omdat we met Heidi samen reizen, moeten we er opeens rekening mee houden dat onze pauzes bij benzinestations moeten zijn met openbare toiletten. Niet dat Heidi niet in de vrije natuur haar broek wil laten zakken, maar je moet weten dat de provincie Saskatchewan in Canada bestaat uit graanvelden, zo vlak als een dubbeltje zonder veel bomen.

De grensovergang is even spannend, omdat wij in de USA flink ingeslagen hebben qua alcohol (5 liter wijn en 2 kratten bier) en vers fruit en groenten. Maar we komen er zonder iets in te hoeven leveren of belasting te betalen doorheen.

 

Na een hele dag rijden, plus een grensovergang, stoppen we om half 7 in de stad Swift Current bij een supermarkt (met wireless internet) waar ik snel een avondmaaltijd in elkaar draai die we gezamenlijk in onze camper opeten. Daarna rijden we in het donker verder noord. Bij een restarea iets van de weg af, kunnen we heel vaag Noorderlicht zien boven de bomen en dat hebben we gefotografeerd. We zijn niet echt onder de indruk. Toch liggen we pas om half 2 in bed. Het was een vermoeiende reisdag van 16 uur rijden.

 

Saskatoon – Canada, 15 oktober 2015
De volgende morgen zijn we om 9 uur wakker. We kunnen zien dat er nog volle rust is in de stationwagen naast ons. Normaal slapen wij in de stad op een parkeerterrein van een bouwmarkt en kunnen we meteen op het Internet als we wakker worden. Maar nu moeten we wachten tot Heidi wakker wordt…
Pas om half 11 komt Heidi tot leven en gaat nog uitgebreid ontbijt voor ons koken. Zij  pikt internet op met haar Amerikaanse telefoon en we zien dat we afgelopen nacht niets gemist hebben. We zijn in de buurt van de grote stad Saskatoon en rijden na het ontbijt naar de stad, waar we wireless internet oppikken. De rest van de dag blijven we daar. Ik bereid een uitgebreide nasimaaltijd voor. Heidi geeft ons een spoedcursus nachtfotografie en hoe je deze foto’s in de computer moet bewerken. Er gaat een wereld voor ons open en ik zal alle Noorderlicht foto’s die ik vorige week heb genomen, opnieuw moeten bewerken.

Rond zonsondergang rijden we de stad uit naar een van de plekken die wij de vorige week gevonden hebben, dat meer bij een maïsveld. In de drukke stad raken we prompt Heidi kwijt en wachten haar buiten de stad weer op. Bij het meer eten we gezamenlijk de nasimaaltijd en als het donker genoeg was, kunnen we Noorderlicht zien, helaas is het wel bewolkt. Voor iemand die nog nooit Noorderlicht gezien heeft, is het vast indrukwekkend, maar voor een doorgewinterde Aurora fotografe als Heidi, is het natuurlijk niet bijzonder. We nemen zelfs niet de moeite om het maïsveld in te lopen om beter zicht te krijgen op het meer.

 

We besluiten verder noord te rijden richting de grote stad Prince Albert. Ik val in slaap, maar PJ en Heidi zien tijdens het rijden allebei vaag Noorderlicht dansen. PJ stopt bij een zijweggetje, maar ik vind het niet de moeite om de auto uit te komen. Na een paar foto’s verder noord dus. Ondanks de ‘Aurora Storm Watch’, kunnen we op Heidi’s telefoon zien aan de Noorderlicht ovaal die over de wereldbol hangt dat het vanavond echt niets meer wordt. Speciaal voor Heidi parkeren we op het parkeerterrein van een Walmart supermarkt (openbare toiletten) en naast een Tim Hortons koffietent in Prince Albert. Wat we vergeten is dat de Walmart in Canada niet 24 uur per dag open is en dat Heidi niet weet dat Tim Horton de Canadese versie is van Starbucks.

Ze heeft ondertussen gemerkt dat na een dag in Canada haar telefoonrekening 100 euro is, dus van die luxe zullen we geen gebruik meer maken. Ze moet net als wij, wireless internet oppikken bij supermarkten enzo.

Prince Albert, 15 oktober 2015
Als we de volgende morgen wakker worden, zien we dat Heidi al achter haar stuur zit te werken, want ze heeft maar drie uur geslapen. Ze heeft het heel eng gevonden om op een parkeerterrein te slapen met die grote lampen. Er liepen ’s nachts kwajongens over het terrein die op auto’s sloegen, waardoor de alarmen afgingen. Wij hebben daar niets van gemerkt. De Walmart ging pas om 7 uur open en het was toen heel druk op het parkeerterrein met winkelende mensen. Daar hebben wij nooit last van, omdat wij meestal op het parkeerterrein van een bouwmarkt staan. Twee keer is er een sleepwagen bij onze camper gestopt, Heidi was bang dat we weggesleept zouden worden. Al met al dus geen succes. Heidi heeft contact opgenomen met haar telefoonprovider en die heeft de 100 euro teruggedraaid en ze heeft het op een akkoordje kunnen gooien. Voor 100 Euro krijgt ze nog behoorlijk wat megabites Internet.

We rijden nog twee uur noordoost naar het plaatsje Nipawin. Heidi moet echt een middagslaapje doen en op het parkeerterrein van Tim Horton pikken wij internet op en doen ook een dutje. Heidi zegt regelmatig: “Don’t leave  me behind”. In het begin denk ik dat ze een grapje maakt, maar blijkbaar is ze erg uit haar comfortzone en vindt ze het dus nogal eng. PJ maakt Heidi om 5 uur wakker. “Nu al?”, zegt ze teleurgesteld. Ja, want we willen met nog met daglicht naar een meer rijden, om te kijken of het een goede locatie is voor het noorderlicht. Het Toban Lake ligt drie kwartier van Nipawin en is een prima locatie! Heidi staat er op voor ons te koken buiten in de kou op haar eigen brandertje en flanst een lekker zelfgemaakt soepje in elkaar, warm knapperig stokbrood (zonder oven!) en een guacamole dip. We krijgen nog meer fotografie- en computerles en als het donker is, zien we een groene boog boven het meer. We gaan lekker aan de slag en brengen het geleerde in de praktijk.

 

 

Na anderhalf zoeken we een nieuwe locatie aan het meer.
“Ik heb het koud”, zegt Heidi, “ik ga meer kleren aantrekken”. Terwijl ze naar haar auto loopt, blijft haar camera met regelmaat klikken en foto’s nemen!
“Krijg nou wat”, zeg ik verbaasd, “Heidi neemt nog steeds foto’s!”

“Ja, ze heeft haar camera op automatisch foto’s nemen gezet”.
Voor mij is dat wel een deceptie, ze valt een beetje van haar troon, waar ik haar zelf opgezet heb. En als ze lang weg blijft, is het nog lastig ook, want ik wil eigenlijk wel een paar stappen naar achteren, maar dan staat haar statief in mijn beeld.
Als ik haar later vertel dat ze haar Aurora Queen kroontje is verloren, begint ze hartelijk te lachen.
“Het is gewoon een kwestie van op het juiste moment op de juiste plek te zijn en weten wat je fotografisch doet”.
 

Als het noorderlicht begint af te zwakken, gebruikt Heidi haar megabites op haar telefoon om te kijken hoe de voorspelling is. “Het ziet er naar uit dat dit het was voor deze nacht”.

Terwijl we terugrijden naar Nipawan tussen de graanvelden door, zien we in onze achteruitkijkspiegels hoog het Noorderlicht dansen!
“!@#$%!”, dus gauw de auto’s in de berm en de statieven weer opzetten. We schieten weer een paar plaatjes met de camper en auto in beeld om zo toch iets van een voorgrond te creëren.

 

We besluiten naar Nipawan te rijden, waar PJ op de kaart een brug over de Saskatchewan rivier heeft gezien. Het blijkt een prachtige stalen dubbeldekker spoorbrug te zijn uit de jaren 30, waar je op de onderste verdieping met de auto kunt rijden. PJ meent dat de camper er niet onder past, dus Heidi en ik lopen de brug en fotograferen een uurtje een groene Noorderlichtboog vanaf de brug. PJ heeft het erg koud gekregen en warmt zich op in de camper.

Als de noorderlichtboog al twintig minuten niet meer beweegt, besluiten we terug naar het parkeerterrein van Tim Horton’s te rijden. Volgens alle Aurora websites is het een rustige nacht, het is half 2 ’s nachts, dus we besluiten naar bed te gaan. Heidi heeft er geen bezwaar tegen om hier te overnachten in het dorp. Terwijl we ons klaar maken om naar bed te gaan, wordt er ineens op onze deur geklopt.
“Kijk nou eens”, zegt Heidi, die ook net in haar bed wilde klimmen, en wijst op de lucht.
Het Noorderlicht is in alle glorie terug. Ik ren zonder jas en muts het parkeerterrein op en fotografeer ons kampeerplekje met grote spotlights en het Noorderlicht erboven. Het moet wel een sterke storm zijn, als je het kunt zien met zoveel licht om je heen!

Dus alles weer ingepakt en aangetrokken en de hort weer op. We rijden als een kip zonder kop rond op zoek naar een goede locatie en komen in een graanveld uit. We liggen om half 4 in bed. Volgens de grafieken was het een rustige Aurora nacht. Zo zie je maar, het helpt echt als je ver noord zit.

Nipawan, 17 oktober 2015
Om 9 uur ’s morgens wordt er weer op onze deur geklopt. Het is Heidi, ze wil naar huis gaan rijden en kan niet langer wachten tot wij zelf wakker worden om afscheid te nemen. We zijn een beetje verbaasd, maar begrijpen het ook wel. Ze geeft over een week een driedaagse cursus Nachtfotografie en er hebben zich NEGENTIG mensen ingeschreven! Daar is ze nogal zenuwachtig voor en ze heeft nog ruim 1300 kilometer rijden voor haar kiezen.

Wij vonden de trip met Heidi gezellig en zeer leerzaam, maar ook lastig (vooral dat slapen).

Wel vonden we het apart om erachter te komen dat Heidi zo’n angsthaas is. Als je weet dat ze zo’n twee à drie keer per week ’s nachts haar bed uit gaat om alleen het Noorderlicht te fotograferen in de bossen bij haar in de buurt, waar ze regelmatig wolven hoort huilen, dan verwacht je toch niet dat ze zo bang is om alleen door Canada te reizen. Haar man zegt ook wel eens tegen haar als ze om drie uur ’s nachts een Aurora Kp4 alert krijgt: “Je hoeft niet altijd het Noorderlicht te fotograferen hoor”. “Jawel, Tom, hier verdien ik mijn geld mee”.
En naar Yellowstone rijdt ze twee keer per jaar (1700 km enkele reis) en ook daar kent ze alle hoeken en gaten. Ook als we samen door Yellowstone reizen, doen we gewoon ons eigen ding, slapen soms op dezelfde plekken net buiten het park, maar als we dan wakker worden is Heidi allang het park in.

Dus waarom is ze zo bangig als ze iets heel anders doet, zoals het Noorderlicht in Canada fotograferen? Dan moeten we ineens haar hand vasthouden. Op zo’n moment ben ik wel trots op onszelf, al die plekken die wij durven te bezoeken, al die dingen die wij zien zonder toeristen om ons heen.

We zwaaien Heidi uit en blijven de hele dag in een hoekje van het parkeerterrein staan, werken op de laptop, doen een middagdutje, ik kook uitgebreid en we kijken internet televisie tot 10 uur ‘s avonds. Regelmatig houden we de noordelijke lucht in de gaten, want we kunnen blijkbaar niet aan op de Aurora websites. Maar om kwart over tien krijgen we een alert, over 15 minuten is een Kp4 storm. We sjezen terug naar die mooie spoorbrug en fotograferen anderhalf uur lang het noorderlicht. Fantastisch!

 

 

Als het noorderlicht begint weg te zakken, besluiten we terug richting Prince Albert te gaan rijden. Dat is twee uur rijden en halverwege weten we een paar prachtige vervallen schuren en een orthodox ‘uiendak’ kerkje. De schuren kunnen we in het donker niet meer terug vinden, maar we zijn precies op tijd om de kerk met noorderlicht slierten te fotograferen (half 2 ’s nachts).

Daarna rijden we verder naar Prince Albert, waar ik alsnog de brug, met lichtjes van de stad en noorderlicht kan fotograferen.

We rijden de velden weer in en zien dat het Noorderlicht begint te pulseren. We hebben van Heidi begrepen dat dit meestal het einde is van de storm. Het is toch een indrukwekkend gezicht, boven ons; oost, west en noord, overal dat witte pulserende licht als een hartslag. Op de foto’s wordt dit een groene vlek.

Als we terug rijden naar de Walmart supermarkt (ja, dat parkeerterrein waar Heidi zo’n hekel aan had), zien we op de websites dat er nog een storm (Kp5) aankomt. Het is ondertussen 5 uur ’s morgens en over een uur wordt het licht. Wij geven het op voor deze nacht. Heidi schrijft ons dat ze ook de hele nacht het noorderlicht gefotografeerd heeft.

                                

Prince Albert, 18 oktober 2015
We hebben weer dringend water nodig. Als we de toilet doorspoelen begint er lucht mee te zuigen en de pomp maakt een grommend geluid. We zijn duidelijk aan de laatste tien liter van de 100 liter watertank begonnen. Er is een camping met golfbaan (zonder adres, 5 kilometer ten oosten van de stad), dus we hopen dat we daar de watertank kunnen vullen. PJ vergist zich in oost en west en we rijden de verkeerde kant van de stad uit. Nog een poging, maar we kunnen de camping niet vinden. Nog voordat we terug in de stad zijn, ben ik al in slaap gevallen achter het dashboardkastje. We gaan om half 4 ’s middags naar bed en worden om 7 uur wakker. Die nachten doorbraken gaat ons niet in koude kleren zitten. ’s Nachts is het Noorderlicht stil en we slapen de hele nacht door.

Prince Albert, 19 oktober 2015
Alle voorspelde stormen worden weer afgezwakt en bovendien is het overal bewolkt, dus wij gaan weer zuid. In de stad Swift Current hebben we vorige keer op een camping zonder te betalen water getapt, maar we vinden het niet verstandig om dit nog een keer te doen. Bij een benzinestation zijn alle kraantjes afgesloten, maar ik vond nog een kraantje dat uit een gebouw komt, met een hele lange slang en er komt water uit! Geen idee of dit wel drinkwater is, of om het gras te sproeien, maar we wagen het er maar op. PJ heeft naast de aanrechtkraan een apart kraantje geplaatst dat verbonden is aan een goed waterfilter, dus dat zou goed moeten komen. We kunnen vanavond eindelijk weer eens douchen.

Swift Current, 20 oktober 2015
Vandaag gaan we de grens weer over. We kunnen kiezen uit drie kleine grensovergangen die dicht bij elkaar liggen, maar ik wil dezelfde nemen als vorige keer. De twee douanebeambten waren vriendelijk en begrepen wat Noorderlicht was en we hebben wel meegemaakt dat ze bij de grens van Canada denken dat je alleen in Alaska noorderlicht kunt zien.

Als we aan komen rijden zien we een bekend gezicht. “Hee, zijn jullie weer terug? Ik dacht dat je de camper in de USA ging verkopen?”, zegt de man lachend. PJ legt uit dat we net in de USA gearriveerd waren, en dat er toen een grote Aurora storm zou komen…
“Ja, en toen moest je natuurlijk weer terug”, vult de douanebeambte aan. Hij vindt het erg grappig en na 5 minuten zijn we de grens over. Heidi schrijft ons een heel ander verhaal. Haar douanebeambte vond Noorderlicht geen excuus om een week naar Canada te gaan en ze hebben haar en de auto van onder tot boven doorzocht op zoek naar drugs. Ik denk dat ze na die vier nachten doorhalen een beetje daas uit haar ogen keek.

We slapen bij een restarea naar een vliegveld (zonder Internet) en kijken een DVD. ’s Nachts horen we heel dichtbij een groep coyotes huilen.

Lewistown, 21 oktober 2015
We nemen weer contact op met Lyn in het Kleine Huis op de Prairie en dit keer kunnen we wel langskomen. We moeten vanaf de snelweg een half uur gravelweg rijden om er te komen.

                    

Na de hartelijke omhelzing, vertelt Lyn dat ze net een grote zwarte beer heeft gezien. We hoppen meteen in haar auto en rijden wat rond. Geen beer, maar wel heeeeel veel wolvenafdrukken. Lyn heeft al twee nachten achter elkaar wolven horen huilen. Spannend hoor. Helaas horen wij ze ’s nachts niet huilen. Ik had de videostand van mijn camera al klaar liggen naast mijn bed.

 

Een paar dagen geleden schreef ik dat PJ het koud had tijdens het fotograferen van het Noorderlicht en in de camper ging opwarmen. Misschien moet ik dit even nader verklaren. Toen wij in oktober 2014 serieus besloten om de truck en camper te verkopen, hebben we een grote schoonmaak gehouden en vrijwel al onze kleding aan het Leger des Heils geschonken (en heel veel andere spullen). Nu zijn we precies een jaar verder en nog steeds reizen we rond met een halflege camper; geen winterboots, geen gewatteerde (ski)broeken of extreem dikke joggingbroeken, regenkleding en dat soort dingen. Omdat we meestal in de winter ook niet in Nederland zijn, hebben we eigenlijk geen echte winterjassen. Gelukkig kwam mijn broer Gertjan tot de redding en we kregen heel veel kleding van hem toen hij met zijn lief Johan naar Ibiza emigreerde.
In mei had ik al een jas van Gertjan meegenomen naar de camper, maar die bleek nu toch niet zo warm te zijn. PJ had voor deze trip een lekkere donzen winterjas in de koffer gestopt, maar die trok ik steeds aan als we ’s nachts aan het fotograferen waren.

Op de laatste nacht zei PJ: “Je kan me wat, maar ik trek die jas aan vannacht”.
Ik heb toen drie truien over elkaar heen getrokken, plus een thermo lange onderbroek, een joggingbroek en een fleecebroek. Ik had het niet koud, maar PJ heeft mij moeten helpen met uitkleden, want ik kreeg mijn armen niet meer om mijn middel, haha.

Tussen Lyn’s huis en Yellowstone National Park zitten twee dorpen; Livingston en Gardiner. Ik vraag PJ te stoppen bij een ‘Thrift Store’ (tweedehands winkel) in het eerste dorp, om voor mijzelf een winterjas te kopen. De eerste jas die ik pas is een zwarte, dons gevoerde vormeloze jas tot aan mijn knieën voor 5 Euro. Het is net of een donzen dekbed om mij heen heb geslagen. Ik leg deze apart en zie dan een leuk strak lichtblauw ski-jack, net over de kont, ook voor 5 euro.  Ik zie mezelf al voor me: dat lichtblauwe jack, strakke spijkerbroek, enkelhoge blauwe gympen, lichtblauwe shawl en een hippe gebreide haarband.
Drie maal raden wat ik de hele week in Yellowstone gedragen heb? Jawel, dat zwarte dekbed, zwarte fleecebroek, lompe bergschoenen en hippe gebreide haarband….

Gardiner, 24 oktober 2015
We rijden Yellowstone National Park in en na een half uurtje zien we een opstopping (jam) van  geparkeerde auto’s (een paar bekende fotografen, o.a. Lyn), dus parkeert PJ de camper ook zo snel mogelijk op een plek waar de berm iets breder is. We hebben al gezien dat iedereen heel dik ingepakt staat, dus doen wij dat ook en lopen terug naar de ‘bear jam’. De opstopping blijkt veroorzaakt te zijn door een grote grizzlybeer die al drie dagen van een hertenkarkas aan het eten is. Hij wordt constant lastig gevallen door heel veel raven en drie of vier coyotes. We fotograferen de beer en de coyotes drie uur lang in een dun windje (en zijn dan behoorlijk verkleumd). Ik ben wel blij met mijn nieuwe zwarte ‘donzen dekbed’.

 

 
We rijden verder het park in en vinden nog een grizzlybeer en fotograferen die een half uurtje.

Dan rijden we door waar we voor gekomen zijn: een grizzlybeer met jong aan de oostkant van het park vlak voor de Sylvan Pas. We worden niet teleurgesteld, de beer loopt langs de kant van de weg te grazen en we moeten een kleinere lens pakken om het er allemaal op te krijgen.

 

Beren staan nu op het punt om in hun winterslaap te gaan en proberen nog zoveel mogelijk voedsel binnen te krijgen. Deze fase in hun leven wordt ‘hyperphagia’ genoemd (vraatzucht). Zelfs de kleine springcub doet niets anders dan eten, eten, eten en kijkt niet vaak op. Maar als je – zoals wij en een paar andere die-hard fotografen - er veel tijd (wij drie dagen, zij al weken) in steekt, dan kun je toch mooie plaatjes schieten.
Het jonkie is pas negen maanden oud, maar wandelt al ver weg van zijn moeder. Het is een prachtig lichtgekleurd beertje die door een van de fotografes ‘Snow’ is gedoopt.

Yellowstone National Park, 25 oktober 2015
Van half 9 ’s morgens tot half 4 ’s middags fotograferen we de grizzlybeer met jong, die maar langs de weg blijft grazen. Moeders wroet met haar klauwen in de aarde, komt tussen al dat gele gras toch met iets groens naar boven, zet haar tanden erin, wappert haar klauw langs de wortels, zodat de aarde eraf valt en eet dat groene hapje dan smaakvol op. Ik zit gebiologeerd te kijken.

Spannend wordt het even als drie enorme bizons over de weg onze richting op komen en dwars door de ‘bear jam’ lopen. De parkwachter leidt het allemaal in goede banen.

 

Als we vertrekken is de beer er nog steeds, maar wij moeten echt van ons ‘zwarte water’ af, zoals de Amerikanen dit zo netjes noemen. Onze poeptank moet dus hoognodig geleegd worden, maar we kunnen in het park geen dumpstation meer vinden die nog open is.

Dus rijden we naar de stad Cody, waar we gelukkig  wel van de shit afkomen. Daar hebben we dan wel 50 kilometer voor moeten rijden! Het begint ons wel een beetje de keel uit te hangen dat we wel de volle 30 euro entree voor het park moeten betalen, maar dat er verder helemaal geen service is.

Nu we toch zo ver van het park zijn, besluiten we om even de wilde paarden van Cody te bezoeken. De McCullough Peak Mustangs is een kleine groep van 200 wilde paarden. Meestal zijn ze moeilijk bereikbaar, maar wij hebben geluk en zien een kudde van 20, waarvoor we maar 5 minuutjes een gravelweg hoeven te rijden. Dit is niet de juiste tijd om wilde paarden te fotograferen, want ze doen niets meer dan grazen. De bronsttijd is in juni. Maar omdat er een vliegtuigje laag overvliegt, zet dat de hele groep in beweging en kunnen we toch nog galopperende paarden fotograferen.

 

 

Het aantal McCullough Peak Mustangs wordt in bedwang gehouden en de merries zijn allemaal aan de pil. Hierdoor worden er geen veulens geboren en dat is wel jammer. Wel zitten er veel paarden tussen die ik Palomino noem, maar officieel Paint heten en dat is een bontgekleurd paardenras met witte, zwarte en bruine vlekken. Ik moet altijd denken aan mijn kindertijd toen C&A kinderkleding verkocht van het merk Palomino en dan hing er zo’n sleutelhanger aan van een zwart paard met een groene, blauwe en rode vlek. Palomino is een paardenras met een goudkleurige vacht en witte staart en manen. Helemaal verkeerd voorgelicht dus! We rijden terug naar ons slaapplekje net buiten de oost-ingang van Yellowstone.

Yellowstone National Park, 27 oktober 2015
Als we ’s morgens wakker worden heeft het een beetje gesneeuwd. Het blijft niet echt liggen op de bomen. Voordat we bij de beren zijn, moeten we eerst de 2500 meter hoge Sylvan pas over en daar is de sneeuw wel op de weg blijven liggen.

 

We zijn om half 9 op de plek waar we gisteren de beren hebben achtergelaten, maar we zien ze niet. De sneeuw heeft nog veel meer fotografen naar deze plek gebracht, we zien nog een paar bekende gezichten en praten via open autoramen. Met zoveel ogen, blijven wij rustig op een parkeerterrein staan en houden alleen in de gaten of de fotografen die heen en weer rijden, wel op tijd terugkomen. Pas om 12 uur ’s middags (!) krijgen we een seintje dat de berenfamilie gezien is.

We fotograferen haar en haar jong in de sneeuw. Wat een traktatie!

 

 

 

                          

Twee uur later verdwijnt ze het bos in en dit blijkt tevens de laatste keer van dit seizoen te zijn dat ze gezien is. Tijd om met winterslaap te gaan. Als ik zo door de sneeuw banjer, krijg ik ijskoude voeten. “Het lijkt wel of mijn bergschoenen lekken, volgens mij zijn mijn sokken zeiknat”, zeg ik tegen PJ.
“Nee, dat lijkt maar zo, dat komt omdat je voeten zo koud zijn”.
Ik trek toch maar even mijn schoenen uit en zie dat ze inderdaad lekken, overal! Ik kan mijn sokken uitwringen.
PJ adviseert mij om plastic zakjes om mijn voeten te doen. Ik trek eerst droge sokken aan, dan plastic boodschappentasjes en dan mijn bergschoenen. Ik voel mij nu wel erg armoedig, ik lijk wel een zwerver. Maar ik heb geen koude voeten meer. De rest van de middag zien we niets.

Als ik schrijf niets, dan bedoel ik eigenlijk niets dat wij het fotograferen waard vinden. Dus geen beren, wolven, mannetjesherten, coyotes, dikhoornschapen, vossen of uilen. Maar we zien wel bizons, vrouwtjes edelherten, pronghorn antilopen en muildierherten.

Yellowstone National Park, 28 oktober 201
De volgende morgen fotograferen we boven op de Sylvan Pas een prachtige vos in de sneeuw.

 

We maken nog een groter rondje door het park, zien ‘niets’ en rijden via de zuid-uitgang Yellowstone uit en het Grand Teton National Park in. Het is stil in het park, qua wildlife en mensen, maar als we een groepje mensen op een brug zien staan, weten we dat daar zeer waarschijnlijk een groot mannetjes eland is. En jawel, voor Grand Teton begrippen is dit een mannetje met een flink gewei.
“We moeten onder de brug zien te komen, in de rivierbedding”, fluister ik PJ toe.
We sneaken ertussen uit en kunnen mooie foto’s maken van de eland vanuit een laag perspectief. We willen niet zichtbaar zijn voor de mensen op de brug, omdat we natuurlijk weer iets te dichtbij zijn. Ondanks dat dit waarschijnlijk het grootste elandmannetje is van het Grand Teton park, stelt het toch weinig voor vergeleken met de elanden die wij in Alaska gefotografeerd hebben. Dus eigenlijk heeft het geen zin om hier nog langer te blijven.

 

We overnachten waar we al jaren kamperen als we Grand Teton National Park bezoeken: op een parkeerterrein van de Smith’s supermarkt in Jackson Hole, tegenover de ‘Missing Sock’ Wasserette die gratis Wireless Internet uitstuurt. Deze supermarkt ligt aan de rand van het stadje en is daardoor lekker rustig. Jackson Hole is een jetset stadje, met dure souvenir winkeltjes, chique hotels, een skiresort, art galeries, luxe restaurants en western winkels die prachtige westernhoeden verkopen en cowboylaarzen om bij te likkenbaarden.

We hebben hier een keer Vice-president Dick Cheney gezien die hier een buitenverblijf heeft. Hij was met de Airforce 2 aangekomen op het kleine vliegveld en kwam de 4th of July Parade bezoeken. Al handjes schuddend liep hij over straat, terwijl de Secret Service in strakke pakken met oortjes zo onopvallend mogelijk hem probeerde te beschermen. Liever had ik acteur Harrison Ford gezien of Leonardo DeCaprio, die hier ook een optrekje hebben.

We kennen veel fotografen die in dit stadje wonen of in de buurt, dus als er om half 10 ’s avonds op de deur gebonkt wordt, zijn we niet verbaasd. Het is vast Daniel, die we al jaren kennen en altijd in is voor een geintje. Of misschien is het Diana de Catlady, die vrijwilligster is bij een huisdierenopvang en elke maand wel een hond of kat mee naar huis neemt.  Of de bejaarde Duitse Bianca, die net als wij in een stacaravan woont en waar we pas sinds kort bevriend mee zijn. Of is het de beroemde natuurfotograaf Tom Mangelsen, die een prachtig huis heeft net buiten het park en natuurlijk ook wel eens boodschappen moet doen. Of Daryl die dan wel aan de andere kant van de Teton pas woont, maar met klanten wildlife tours doet in de parken.

Dus met mijn meest ontwapende glimlach zwaai ik de deur open en kijk verbaasd in het gezicht van een hoog bejaarde man met een petje op waarop Security staat.
There is no overnight camping in the parkinglot, Ma’am”, zegt hij met een streng gezicht.
Wat? Maar dit doen wij al jaren! Sinds wanneer is dit? Ik kijk een beetje hulpeloos om mij heen en vraag hem waar wij op dit tijdstip nog naar toe moeten.
“Bij de Albertson’s supermarkt hebben ze geen beveiliging, daar kun je naar toe gaan”.

Die supermarkt ligt echt midden in het stadje, maar we hebben even geen andere keus. Er staan nog twee andere campers en het wireless internet is veel sterker. We kunnen nu wel RTL Late Night kijken en er wordt die avond niet meer op de deur geklopt.

Jackson Hole, 29 oktober 2015
De volgende morgen hagelt het, maar ik hoop dat het in het park wel echte sneeuw is en haal PJ over om nog even het Grand Teton park in te rijden. Het is niet veel beter daar dus zijn we na een uurtje terug in Jackson Hole.

Wat nu? We willen de gok niet wagen om nog een nacht midden in het stadje te overnachten, dit is vragen om moeilijkheden. Bovendien kunnen we hier nergens de watertank vullen en hebben nu al tien dagen onze haren niet gewassen. PJ’s haar is zo vet, dat je er patat in kan bakken. Ik heb het nog een beetje kunnen verbergen door droogshampoo te gebruiken. We  kennen hier dan wel veel fotografen, maar om dan bij hen langs te gaan en om een douche te vragen, gaat ons een beetje te ver. We zijn uitgenodigd bij vriendin Melissa die aan de andere kant van de Teton pas woont, maar PJ wil eigenlijk met dit weer de pas niet over met de camper.

We besluiten om helemaal om te rijden en door te gaan naar de grote stad Idaho Falls. We weten daar een dumpstraat en hopen dat die nog open is. Twee uur later staan we bij de dump, die ‘closed for the season’ blijkt te zijn. Jemig, wat een gedoe zeg.

Op het internet vindt PJ nog een dumpstraat, aan de andere kant van de stad, in een parkje aan de rivier. Je mag hier zelfs gratis overnachten. Op het internet wordt erbij vermeld dat je hier beter niet in het weekend kan gaan staan, want er wordt drugs gedeald. Er staan allemaal vage figuren met hele oude kampeerauto’s, sommigen kamperen met dit weer zelfs in een tent! Maar de dumpstraat is nog open en ze hebben een kraan met officieel drinkwater. Eindelijk, we kunnen weer douchen! Slapen doen we wel ergens anders.

Idaho Falls, 30 oktober 2015
We krijgen voor het eerst een reactie op de advertentie die we geplaatst hebben op Craiglist (de Amerikaanse versie van Marktplaats) voor onze camper.
“U klinkt als een serieuze verkoper ik ben geïnteresseerd om te kopen hoeveel wilt u er voor hebben” is de openingszin en zachtjes beginnen er alarmbellen te rinkelen. Wat een vreemd begin van een mailtje. Hij wil met ons afspreken om ‘het’ te bekijken en inspecteren.

Het mailtje zit vol met spelfouten, maar stel je voor dat het een Mexicaan is die niet zo goed Engels schrijft. Dus antwoorden we dat we nu in Idaho Falls zijn, binnen een paar uur ‘out of town’ en dat we zondag of maandag kunnen afspreken.

PJ krijgt in de loop van de dag een helder moment. “Is het je opgevallen in het mailtje dat er nergens staat dat hij de camper wil kopen. Dit mailtje kun je naar elke advertentie sturen, of je nu een boot, een auto, een camper of een gitaar wil kopen”. We nemen aan dat we er niets meer van zullen horen.

Aan het eind van de middag rijden we terug richting Grand Teton, alleen blijven we aan deze kant van de pas om Melissa op te zoeken. We hebben afgesproken om op mijn verjaardag gaan lunchen met Melissa en Suzy. PJ heeft ze ingefluisterd dat het zaterdag mijn verjaardag is. Melissa belooft al jaren dat ze een taart voor mijn verjaardag gaat bakken en nu heeft ze de kans. Helaas, ze voelt zich niet zo lekker, moet studeren voor een examen en heeft ‘alles in huis voor een taart, behalve de eieren’. Ik ben niet eens verbaasd.

Victor, 31 oktober 2015
Terwijl Melissa hard studeert voor haar omscholing als verpleegster, zitten wij lekker in de camper met een elektrisch kacheltje aan, tv te kijken, lezen en ik zit ook achter de laptop te genieten van alle lieve berichtjes, kaartjes en foto’s voor mijn verjaardag. Om half 1 komt Melissa kwaad naar de camper. “Ik heb Suzy een SMS gestuurd met de vraag hoe laat we gaan lunchen, schrijft ze terug dat ze niets van ons gehoord had en daarom op haar nichtje aan het passen is. De rest van de middag heeft ze geen dus geen tijd”.

Dit is zo typisch Amerikaans! Wij zijn speciaal terug gereden voor deze lunch en Suzy neemt niet even de moeite om Melissa te bellen om te vragen over de lunchafspraak. We besluiten om aan het eind van de middag naar de kroeg te gaan, waar Suzy serveerster is en aan de bar een hapje te eten.

Het is Halloween en de barkeepers zijn allemaal verkleed. De kroeg is mooi versierd, er komt zelfs een paard langs met een hoofdloze ruiter en al met al is het een gezellige avond.

 

Na 15 jaar Amerika sta ik nog steeds versteld over die zogenaamde vriendschappen en afspraken die niet nagekomen worden. Het overkomt ons zo vaak. Maar het overkomt niet alleen ons. Mijn Amerikaanse nicht Diana vertelt dat ze voor de verjaardag van haar stiefdochter een taart heeft laten maken bekleed met marsepein. Dit doet ze elk jaar en die taarten zijn niet goedkoop, zo’n 22 Euro. Kassi is ziek op haar verjaardag, dus komt ze niet langs om taart te eten en haar cadeautje te ontvangen. Maar dat is nu een week geleden en ze is nog niet langs geweest! Dus zijn mijn nicht en haar partner Randy zelf maar aan de taart begonnen, voordat hij bederft. Onbegrijpelijk toch, dat je je vader en stiefmoeder zo laat zitten?

Victor, 1 november 2015
We rijden in een keer door naar Diana en Randy in Utah. We bespreken de verkoop van de camper en auto. Randy was een top Subaru verkoper en verkoopt nu caravans. Hij heeft van de zomer al laten doorschemeren dat de camper met die wildlife stickers echt onverkoopbaar is. We beloven hem dat we daar wat aan gaan doen, dat we eerst zelf gaan proberen de camper te verkopen in Arizona en dat hij dan de auto kan verkopen. Maar dan laten we hem bij hem achter en kan hij dat op z’n gemak doen.

Diana vertelt het verhaal van de taart en ze vraagt of ik vanavond als toetje een stuk verjaardagstaart wil. “Heerlijk, ik ben gek op marsepein (en net jarig geweest)”. Maar niet denken dat er na het avondeten een taart op tafel komt. Ik ga er niet om bedelen. Weer typisch Amerikaans.

Ondertussen krijgen we toch een antwoord van onze zogenaamde koper van de camper. “Hij wil het item kopen voor zijn vader, heeft geen tijd om langs te komen, maar zal alvast 200 dollar overmaken en een koerier sturen om het item op te halen. Of we even ons rekeningnummer willen doorgeven.”
Het mailtje is  nog veel langer, maar het is wel duidelijk: dit is SPAM.

Utah, Arizona, 2 - 6 november 2015
We rijden richting het zuiden van Utah en zien de temperatuur langzaam stijgen. ’s Nachts stormt het zo hard met rukwinden dat de camper staat te schudden. Ik vind het voor het eerst eng en ben bang dat we om zullen kukelen. Bij elke rukwind geef ik een gilletje en ik maak PJ twee keer wakker. “Nee, we kunnen niet omvallen”, zegt hij stellig. De volgende dag staan we nog overeind.
“Dat heb ik je toch gezegd”.
We krijgen weer een reactie op de advertentie van onze camper. Iemand wil hem ruilen tegen een Yamaha motor. Nee, dank u.

In de woestijn beginnen we met het verwijderen van de wildlife stickers. Wat een rotklus is dit zeg! Die drie stickers die er sinds 2009 opzitten, gaan nog, maar die oudere brokkelen alleen maar af.

   

We bedenken dat de camper maar (gedeeltelijk) overgeschilderd moet worden. We kopen zilverkleurige verf en gaan verder zuid, want het is hier net niet warm genoeg. We passeren Las Vegas en eindigen in een oase in de woestijn van Arizona aan de Colorado rivier. Het is 22 graden in Parker en we hebben er het volste vertrouwen in dat we in deze contreien de camper wel zullen verkopen. Er zijn heel veel caravan winkels die ook oudere modellen verkopen.

We staan aan de Colorado rivier bij een soort picknick area en hebben een picknicktafel uitgekozen met afdak om schaduw te creëren om daar te beginnen met het schilderen van de camper. Er stopt een auto naast de camper. Een oudere dame vraagt aan PJ of we het goed vinden als ze even aan onze picknicktafel gaat zitten.

Ik vind het een raar verzoek, want alle andere picknicktafels zijn nog vrij. PJ antwoordt: “Mij best”.
De vrouw zit een tijdje voor zich uit te staren en na een minuut of twintig bedankt ze ons.
“Ik heb kort geleden mijn man verloren en we zaten elke winter hier op zondag van het uitzicht te genieten”. Ik ben blij dat ik haar niet afgesnauwd heb.

Parker, Arizona, 7 – 14 november 2015
We besluiten om op de La Paz County Park camping langs de Colorado rivier te gaan staan. We hebben daar een kraantje met water, elektriciteit en wireless Internet en kunnen dus tv kijken. We beginnen met het schilderen van de camper en onze buren zijn onder de indruk. Zodra de camper aan 1 kant geschilderd is, zet ik een advertentie op Craiglist Arizona, de Amerikaanse versie van Marktplaats.

We krijgen bezoek van de Canadese vrienden Croft en Norma, die we jaren geleden in Mexico ontmoet hebben. De zon gaat elke avond spectaculair onder.

 

 

 

Na drie dagen krijgen we een reactie uit Las Cruces, New Mexico, een stad hier 850 kilometer vandaan! De koper blijkt serieus en we nadat de camper helemaal opnieuw geschilderd is, besluiten we naar Las Cruces te rijden.

Las Cruces, New Mexico, 18 november 2015
De koper bekijkt onze camper grondig en wil hem kopen! We hebben de binnenkant al flink georganiseerd, maar ik ben toch nog anderhalf uur bezig om al onze bezittingen die niet mee verkocht worden in tassen te stoppen. De vrouw komt ‘gezellig’ met haar zoon binnen zitten en begint tegen mij aan te praten, over haar kerk, de koopjes die ze net gekocht heeft en allerlei kletspraatjes. Ik heb moeite om mij te concentreren en vergeet bijna het toiletkastje te legen en – nog belangrijker – het laadje met belangrijke papieren!
PJ helpt de koper ondertussen om de stalen balken onder zijn pick-up truck te monteren. Gelukkig staan we op het parkeerterrein van een bouwmarkt en kunnen ontbrekende onderdelen nog snel gekocht worden. En dan is het grote moment daar: onze camper gaat van eigenaar wisselen.
Ik hoef er geen traan om te laten.

Het is al ver in de middag als we met de pick-up truck met veel troep in de laadbak naar een motel in Socorro rijden, 235 km noordwaarts. De man achter de receptie is super vriendelijk en behulpzaam en ik ben helemaal weg van zijn motel, in de sixties stijl. We halen eten bij de Yo-mama Grill en dat smaakt goed.

 

Socorro, New Mexico, 19 november 2015
Ik wil de boel meteen organiseren en vul vuilniszakken vol kleding, schoenen en dingen die we niet langer nodig hebben. We brengen de zakken meteen naar de plaatselijke Leger des Heils en hopen er anderen blij mee te maken.
De tweede overnachting is in Cortez, Colorado, ruim 500 kilometer noord. Er ligt al sneeuw en ijs op het parkeerterrein. Ook hier is het personeel super vriendelijk.

 

 

 
Gek gezicht om in de spiegel geen camper te zien                  Grappig bordje in een hotelkamer

Cortez, Colorado, 20 november 2015
Ook deze dag rijden we 500 kilometer noord en stoppen in Provo, Utah waar we overnachten bij de Comfort Inn. Wat is het hier vies! En als ik ’s morgens in de ontbijtruimte koffie en cornflakes wil klaarmaken en tegen de jongen achter de balie zeg dat de melk op is, stapt hij met een diepe zucht uit zijn hangende ongeïnteresseerde positie, haalt de melk en zet die met een klap in de koelkast. Botertjes vallen op de grond en die laat hij liggen. Ook als ik later de sleutel van de kamer bij hem aflever zegt hij niets.
“Kan er misschien een dankjewel vanaf?”, zeg ik en wacht zijn antwoord niet af.

Plain City, Utah, 21 november 2015
We krijgen een warm welkom bij mijn nicht Diana en haar partner Randy. Ze organiseert een feestje voor ons en nodigt familie en vrienden uit. We hebben een heel gezellige avond, maar realiseren ons wel dat dit voorlopig de laatste keer is dat we deze mensen zien.

Plain City, Utah, 22 november 2015
Omdat we toch nog zoveel bagage hebben is het voor ons goedkoper om een auto te huren en via Las Vegas te vliegen dan direct bij Salt Lake City op het vliegtuig te stappen! We huren een auto in Salt Lake City en Diana brengt ons naar het vliegveld, waar het verhuurbedrijf zit. Nu moeten we dan echt afscheid nemen van mijn nichtje en dat valt toch zwaar.

 

We rijden over de bekende snelweg I15 naar het zuiden en overnachten in St. George. Het hotel heeft een buitenzwembad, maar het is rond het vriespunt, dus wij houden het voor gezien.

St George, Utah, 23 november 2015
Na even dubben besluiten we om niet in de gokstad Las Vegas te overnachten, maar in die andere gokplek, namelijk Mesquite, Nevada, hier drie kwartier vandaan. We overnachten in het casinohotel Virgin River voor maar een paar tientjes, waar we onze auto voor de kamerdeur kunnen zetten en voor de laatste keer onze koffers kunnen organiseren. Onze kamer zit tegenover het buitenzwembad en de hot tub, waar we ’s avonds lekker in het hete water gaan weken. Zo houden we het vakantiegevoel nog even vast.

 

Mesquite, Nevada, 24 november 2015
We hoeven vandaag maar ruim een uur te rijden naar Las Vegas, tanken de huurauto af voor €65,- (678 km, wat een zuinige auto!) en rijden naar het vliegveld. We vliegen over Denemarken en hebben een stop in Copenhagen van zes uur. En dan worden we op 25 november opgewacht op Schiphol door onze vriend Peter. Onze reis van 18 jaar is dan nu echt voorbij.

Een paar weken later krijgen we bericht van Randy dat hij ook de pick-up truck verkocht heeft!

We zijn nog geen tien dagen in Nederland of PJ stuurt een whatsappie naar zijn zwager Johan of we een bakkie zullen komen doen. Ja, mijn broer Gertjan en Johan wonen op Ibiza. We zijn welkom en vliegen op een enkeltje naar dit mooi eiland. We blijven een maand logeren bij Gertjan en Johan, waar ik mijn broer help met het ontwikkelen van een kussenlijn die later in China geproduceerd worden.

En in februari 2016 pakken we de auto en rijden/varen we naar Ibiza en blijven daar tot half mei. Maar dit is weer een nieuw avontuur, waarover later misschien meer.

Ons reizend leven is voorlopig ten einde.